Wacht maar geduldig af mijn kind
de morgenstond zal ras genaken.
Waarop Ik alles nieuw zal maken,
met nieuwe gloed en gouden tint.


Wacht maar geduldig af mijn kind,
Ik heb gezien je pijn, je lijden.
De tranen die je ogen schreiden,
wat al je uitzicht heeft verblind.


Wacht maar geduldig af mijn kind,
Ik laat voor jou het licht weer gloren.
Ik richt je op, wordt als herboren!
In nieuwe weiden, rust weer vindt.


Wacht maar geduldig af mijn kind,
jouw leven zal Ik hoeden leiden.
Je hart verheugen en verblijden,
en aan Mijn hand je weg weer vindt.


Wacht maar geduldig af mijn kind,
de donkere nacht is aan 't verdwijnen.
Zie alle duist're schimmen kwijnen,
als Ik ze met Mijn machtwoord bind.


Wacht maar geduldig af mijn kind,
kijk d' eerste rijke hemelglansen,
stralen je toe, en nieuwe kansen,
werpen om jou hun gouden lint.


Wacht maar geduldig af mijn kind.
Intussen zal Ik je tranen drogen.
Opdat je straks met held're ogen,
ziet waar het nieuwe Rijk begint.


Wacht maar geduldig af mijn kind.
Je hoeft de moed niet te verliezen.
'k Zal immers altijd voor jou kiezen.
Mijn Vaderhart, met liefd' je bindt!

Justus. A van Tricht


22 april 2006

You have no rights to post comments