De toren van de kerk die 't oog naar boven wijst
priemt hoog uit boven stad en land.
Vanwaar zij statig fier voor ons verrijst
is als een vinger wijzend aan een hand.

In de gewijde ruimte waar zij over heerst
daar klinkt voor ons 't bevrijdend woord.
Dat leert als ware liefde ons beheerst
ons na dit leven eeuwige vrede gloort.

Zo wijzen heel veel vingers naar de hemelboog
die teken zijn van Gods gena.
En waar Zijn hand de wereld stil bewoog
klinkt ons Zijn stem steeds in de kerkklok na.