Een stroom van liefde en genade
van rust en vrede voel ik gaan.
Waarmee mijn hart wordt overladen
komt uit de hemelen vandaan.
Want God liet mijn gebed verhoren
toen ik geknield de Heer verzocht.
Maak mij weer heel Heer en herboren
schenk mij het heil waarnaar ik zocht.

Want zonder U kan ik niet leven
dan speel ik het alleen niet klaar.
Wilt U mij Heer Uw zegen geven
toon mij toch Heer Uw liefd’gebaar.
Tot tranen toe werd ik bewogen
toen ik mijn hart geopend had.
Die Hij weer wiste van mijn ogen
toen ik Hem om Zijn bijstand bad.

Toen liet God ’t wonder stil gebeuren
en maakte alles in mij schoon.
Opende ramen alle deuren
en sprak mij toe op milde toon.
“Kom hier Mijn kind en treedt maar nader
Ik breng jouw leven weer in ’t spoor.
Daarvoor ben Ik immers jouw Vader
dat moet je niet vergeten hoor!”

Ik zal je hoeden en bewaren
zonden en schuld tel Ik niet meer.
Mijn liefde en trouw blijf Ik verklaren
die zijn er elke dag steeds weer.
De warme stroom die mij doorgloeide
doortrilde krachtig mijn gemoed.
Waar Vaders liefde mij mee boeide
die Hij mij schonk in overvloed.