Het is de dood die ons afmeert
en van het aards bestaan afkeert.
Hij zorgt dat ’t leven uit ons vliedt
voor d’ achterblijvers vol verdriet.

Zijn hand slaat ongenadig toe
Al blijkt men ’t leven nog niet moe.
Maar wie gelovig is verwacht
wat God de Heer heeft toebedacht.

Want waar God ons dan mee verrast
Is wat bij ’t eeuwig leven past.
En ons tot engelen transformeert
Hem als genadig Schepper eert.