Eens wordt de hemelpoort ontsloten
dan mogen wij er binnengaan.
Met gouden lichtglans overgoten
vangt voor ons aan een nieuw bestaan.

Met d’ engelen koren die er zingen
jubelen wij mee voor Gods troon.
Hem dankende voor alle dingen
bereid door Vader en de Zoon.

De hemel zal ons thuisland wezen
in tijdsduur tot in eeuwigheid.
Geen dood of ziekten meer te vrezen
geen mens  die zorgen kent of  lijdt.

Blijdschap en vreugde zal ons dragen
de liefde voert daar boventoon.
Waar eeuwige vrede alle dagen
ons wordt geschonken als ons loon.